dinsdag 31 maart 2009

Varens in glas


Polypodium vulgare
Zoals de belangstelling voor varenafbeeldingen afnam op het einde van de Victoriaanse tijd nam juist in de rest van Europa in de kunstwereld de belangstelling toe om de natuur als inspiratiebron te gebruiken. Deze periode heet de Art Deco in onze contreien, Jugendstil in Duitsland en in Frankrijk noemde men deze periode Art Nouveau.
Eén van de meest bekende kunstenaars in Frankrijk uit die tijd was Emile Gallé.
Hij was een meester in glasblazen en vervaardigde prachtige vazen met motieven uit de natuur.
Hij kon goed tekenen en hield zich bezig met plantkunde, literatuur , filosofie en politiek. Die interesses kwamen terug in zijn werk.
Gallé was onbetwist bovenal een groot natuurliefhebber en uit de door hem geproduceerde vazen blijkt zijn kennis van de plantkunde.

Dryopteris species
Émile Gallé had in zijn tuin o.a. een verzameling planten aangelegd, waarin wilde orchideeën uit de omgeving van zijn werkgebied Lotheringen, welke een vooraanstaande plaats kregen. Deze dienden naast wetenschappelijke ook artistieke doeleinden. Hij slaagde erin de gedetailleerde bestudering van zijn verzameling te vertalen naar uitzonderlijk glaswerk. Ook heeft hij zich door Japanse kunstenaars laten inspireren, met name door Hokusai.
Zijn plantenversieringen hebben vaak een symbolische betekenis: De distel staat voor Nancy, de roos voor de schoonheid en de varen voor stilte en rust.


Polypodium en Adiantum

zondag 29 maart 2009

Mapplebeck


In de Victoriaanse tijd werd er in Engeland door veel varenliefhebbers in het wild naar bijzondere of afwijkende varens gezocht. Wie van een bepaalde soort een afwijkende vorm tegenkwam, mocht aan deze varen zijn naam toevoegen.

De meest bekende cristaatvorm van bijvoorbeeld Dryopteris affinis is momenteel "Cristata the King", gevonden bij Charleston in Cornwall in de 19e eeuw.
Het is een prachtige robuuste wintergroene Dryopteris affinis soort. En omdat hij zo mooi en gemakkelijk te kweken is, wordt deze eigenlijk nog als enige in de gewone tuincentra te koop aangeboden.

Maar een andere bijzondere en afwijkende cristaatvorm van Dryopteris affinis is gevonden door meneer John Mapplebeck in 1862 in Westmoreland. Zijn vondst onderscheidt zich van de eerste door rankere, veel langere veren te produceren met slankere pinnae en grotere kuif. Zijn vondst noemde hij dan ook Dryopteris affinis Polydactyla Mapplebeck.


Dryopteris affinis "P. Mapplebeck" als jonge plant.

Een derde te noemen variëteit is Dryopteris affinis Polydactyla Dadds, natuurlijk, je raad het al, gevonden door ene meneer Dadds in 1872. Een Dryopteris affinis subsp. borreri cristaat vorm, maar minder robuust en een grovere, slordiger kuif.

en

Deze foto getuigd nog eens hoe dol de "Victorianen" op varens waren.
Men ging eigenlijk alleen nog op de foto als een deel van de collectie
dan ook daarop te zien was.

zaterdag 28 maart 2009

Kaartje sturen



Op het World Wide Web kwam ik op de site van Boomerang deze foto tegen met een link mogelijkheid naar je eigen blog.
Nou hier is tie dan.......
Door op onderstaande hyperlink te klikken is het mogelijk deze kaart te versturen.

Varen bos

maandag 23 maart 2009

Het is lente geworden



Aan de bosrand laten de eerste crocussen zich weer zien.

Het is lente geworden. Het uitlopen van de meeste varens kan nog wel enige weken duren.
Toch met wat zachter weer en een beetje zon zal Polystichum retroso paleacea één van de eerste varens zijn die uit gaat lopen. Op de kop gevolgd door Adiantum venustum.
Maar zeker zit er dan ook al beweging bij Polystichum polyblepharem en Polystichum makinoi zal snel volgen.
En wat dacht je van de Dryopteris blanfordii, ook een vroege kampioen.
Een beschutte plek is dan wel in het voordeel, want pril uitlopende veren zijn zeer kwetsbaar, voor wind en zon, maar bovenal zal een nachtvorst ze in hal uur al onherstelbaar kunnen beschadigen. Gelukkig zorgt het bos zelf voor enigszions natuurlijke beschutting.

Gewoon thuis in de achtertuin kan het afdekken van de varens met vliesdoek of bijvoorbeeld noppenfolie een hele goede bescherming bieden.

Ondanks deze lichte ongemakken is het elk jaar zeer de moeite waard en bovenal zonder meer spannend om het ontkrullen van de nieuwe varenveren in al hun verschillende vormen, kleur en pracht op te wachten en gade te slaan

maandag 16 maart 2009

Een bloeiende varen


Varens die bloeien.............
Dit is een absolute onmogelijkheid.

Het plantje wat hier is afgebeeld is dan ook zeker geen varen.

Het gaat hier om Corydalis cheilanthifolia of wel een helmbloemsoort. Van oorsprong komt dit plantje uit berggebieden en voelt zich dan ook thuis tussen de stenen in een rotstuin maar voelt zich ook thuis tussen de stenen in een muurtje. Het kan zowel in zon, in halfschaduw en schaduw groeien.



Een andere, inheemse, soort is Corydalis cava, de helmbloem of holwortel en Corydalis solida, vogeltje op de kruk.
Het vogeltje op de kruk (Corydalis solida) is nauw verwant aan de helmbloem. Het verschil bestaat voornamelijk uit het feit, dat de knollen en stengels massief zijn. Dit in tegenstelling tot holwortel, waarvan de stengels en knollen juist hol zijn. Op het noordelijk halfrond komen de planten veel als heemplant voor, maar de meeste soorten zijn te vinden in de gebergten van Oost-Azië. Naast vaste planten komen van dit geslacht ook éénjarigen voor. Het vogeltje-op-de-kruk is bij uitstek geschikt voor een bostuin of onder een heesterbeplanting. De plant wordt vermenigvuldigd door scheuren of delen.

De Corydalis familie kent nog wat soorten,
hieronder Corydalis elata




en Corydalis flexuosa



Als laatste noem ik Corydalis lutea,

De zaden van alle corydalissoorten worden verspreid door mieren.


zondag 8 maart 2009

Meer nieuwe oogst

Bij Tuincentrum het Oosten in Aalsmeer, heb ik in het verleden eens goed gescoord.
Twee jaar terug stond er een flinke partij Polystichum neolobatum. Nog niet eerder gezien in de handel. Gretig heb ik er een aantal gekocht, ze staan nu al twee jaar genoegelijk in het varenbos.
Het afgelopen jaar was er weinig nieuws onder de zon in hetzelfde tuincentrum, maar afgelopen week was het weer raak: Dryopteris x remota. Weer een varen die je niet zomaar in de handel tegenkomt, zeker niet in Nederland.


En dan ga ik nog even langs de warme kas, daar staan o.a. cactussen, palmen en andere planten voor kamercultuur in ons land geschikt. Ook "kamervarens" zijn in dit tuincentrum in ruime mate aanwezig, Blechnum gibbum, Nephrolepis exalta, Adiantum raddianum en natuurlijk Asplenium nidus en nog veel meer soorten. Dan zie ik daar tussen ook een partijtje wat kleinere “kamervarentjes” staan o.a. Nephrolepis exaltata, Polystichum tsus simense, Pellea rotundifolia, Adiantum raddianum, Pteris cretica en…Dryopteris erythrosora, allemaal voor de prijs van 79 eurocent. De leek weet niet beter, maar gezegd moet worden dat het gros van deze kleine varentjes gewoon winterhard is en dus gewoon de tuin in kunnen.
In ieder geval neem ik wat Pteris cretica mee, geschikt tot zone 7/8/9, mits deze in de winter een wat drogere standplaats heeft.
en dan valt mijn oog op een potje met Dryopteris erythrosora, met daartussen een afwijkend varenblad. Het lijkt wel hetzelfde blad als van het varentje welk ik in december in uit de bloempot van een Ficus benjamin heb meegenomen.......... Ook maar in het karretje.......

Thuis heb ik de “oogst” nog eens goed bekeken. En ben ik met het determineren begonnen aan de hand van verschillende boeken en beschrijvingen daarin.
Het afwijkende varenblad lijkt het meest te passen bij Dennstaedtia punctiloba.
Voorlopig houd ik het daar maar even op.

vrijdag 6 maart 2009

Nieuwe oogst

Soms kom je nog wel eens iets aardigs tegen in de tuincentra.
In december 2008 rondlopend in een tuincentrum in de Correze valt mijn oog op een varentje dat in de pot opkomt van een Ficus Benjamin. Mijn eerste gedachte: “Hier moet duidelijk gewied worden, en ik kan daar goed bij helpen”.
Binnen de kortste keren was de Ficus bevrijd van zijn belager en verdween dit varentje tussen mijn t-shirt en trui naar buiten.
Het arme varentje, als onkruid gewied zag er dan ook als onkruid uit na deze ingrijpende “verdelgingsactie”. Thuis gauw opgepot en de literatuur ontbrak om ter plekke uitsluitsel te verkrijgen over de soort. Wel of niet winterhard, ik had geen idee. In ieder geval heb ik een veer voor later determinatie tussen krantenpapier onder de deurmat gelegd.



Wie het weet mag het zeggen!